Traumateam
Mobiel Medische Teams in Nederland
Wat is een mobiel medisch team?
Een MMT bestaat uit een arts (chirurg of anesthesioloog, of een arts in een vergevorderd stadium van de opleiding) en uit een verpleegkundige. Mobiele medische teams (MMT's) leveren ter plekke specialistische acute medische zorg aan slachtoffers van ernstige ongevallen en rampen. De leden van dit team zijn opgeleid en getraind voor deze bijzondere vorm van hulpverlening. De zorg door een MMT vormt een aanvulling op de reguliere ambulancehulpverlening. Cruciaal is dat het MMT zo snel mogelijk ("elke seconde telt ") ter plaatse is.
Onderzoek in Nederland en diverse andere landen heeft uitgewezen, dat zo snel mogelijk, binnen het zogenaamde "golden hour ", bieden van medische zorg mensenlevens kan redden en tot minder invaliditeit kan leiden.
Wanneer het MMT wordt vervoerd per traumahelikopter (= helikopter trauma team (HTT)) wordt nauw samengewerkt met de piloot en bij vervoer over de weg met de chauffeur.
Taak MTT-arts
De MMT-arts diagnostiseert ter plekke de letsels en/of aandoeningen. Vervolgens bekijkt de MMT-arts of de patiënt zo snel mogelijk gereed gemaakt moet worden voor vervoer naar het ziekenhuis (bijvoorbeeld bij een niet te stelpen bloeding) of dat juist een eerste behandeling ter plaatse noodzakelijk is (bijvoorbeeld bij een drainage van een klaplong; spanningspneumothorax).
Ook beoordeelt de MMT-arts hoe het slachtoffer (meestal per ambulance, maar in sommige gevallen ook per helikopter) en naar welk ziekenhuis (dichtstbijzijnde ziekenhuis, brandwondencentrum, traumacentrum etc.) de patiënt het beste kan worden vervoerd. In sommige gevallen gaat de arts ook mee naar het ziekenhuis om tijdens het transport de vitale functies van het slachtoffer (bloedcirculatie en ademhaling) te bewaken, eventueel te behandelen en voor een goede overdracht te zorgen aan het personeel op de spoedeisende hulp (SEH) van het ontvangende ziekenhuis.
In deze situaties vormt de deskundigheid van de arts een aanvulling op die van de ambulanceverpleegkundigen
Bij een ongeval met meerdere slachtoffers doet de MTT-arts de triage. Triage wil zeggen dat de arts - vaak samen met de aanwezige ambulancehulpverleners - bij de diverse slachtoffers een eerste snelle screening wat betreft de ernst van het letsel doet en de volgorde van de behandeling van de slachtoffers bepaalt. Door deze triage kan de verdere hulpverlening effectiever plaatsvinden.
Taak MTT- Verpleegkundige
De MMT-verpleegkundige assisteert de MTT-arts. De verpleegkundige taken bestaan bijvoorbeeld uit het toedienen van medicatie, het assisteren bij incubatie, het inbrengen van infusen en het tijdig attenderen van de arts op wijzigingen in de toestand van het slachtoffer.
In het geval van de inzet van een MMT per helikopter (HTT) helpt de verpleegkundige de piloot met een correcte vluchtvoorbereiding, de navigatie en met het zoeken naar een geschikte landingsplaats.
Samenwerking met andere hulpverleners
Het MMT werkt nauw samen met de ambulancediensten, de politie en de brandweer. Een goede samenwerking tussen de betrokken hulpverleners -met voor iedere discipline een eigen taak en verantwoordelijkheid - is essentieel voor een optimale kwaliteit van de hulpverlening.
In welke situaties en hoe vaak word een MTT ingezet?
De behoefte aan de inzet van een MMT kan zich altijd en op elk moment van de dag voordoen. Ernstige traumatische letsels (hier worden lichamelijke letsels mee bedoeld) en andere vergelijkbare acute levensbedreigende medische situaties vormen de aanleiding voor de inzet van een MMT.
Belangrijke oorzaken voor het ontstaan van ernstige traumatische letsels en vergelijkbare acute levensbedreigende situaties zijn onder andere verkeersongevallen, geweldsdelicten, bedrijf- en sportongevallen en, gelukkig minder frequent, grootschalige ongevallen of rampen.
Ook ernstige brandwonden of juist sterke onderkoeling kunnen reden zijn voor de inzet van een MMT. Op de pagina MMT-inzetcriteria vindt u een compleet overzicht.
Hoe word een MTT ingezet?
Een MMT wordt door de centralisten van de Centrale Post Ambulancediensten (CPA) ingezet op basis van een 112-melding (omstandermelding), dit heet een primaire inzet. Ook kan een hulpverlener (meestal een ambulanceverpleegkundige) op de plaats van het ongeval de CPA vragen het MMT op te roepen, dit heet een secundaire inzet. In alle gevallen bepaalt de CPA-centralist op basis van de melding en aan de hand van de inzetcriteria en uitvraagprotocollen of daadwerkelijk tot inzet van een MMT moet worden overgegaan.
Bij iedere primaire inzet wordt ook een (of meerdere) ambulance(s)uitgestuurd. Voor het transport van de patiënt naar het ziekenhuis wordt doorgaans gekozen voor vervoer per ambulance, waardoor het MMT (per helikopter/auto) weer zo snel mogelijk inzetbaar is.
Snelle inzetbaarheid Cruciaal is dat een MMT zo snel mogelijk ter plaatse is om zo effectief mogelijk hulp te kunnen bieden. Kostbaar tijdverlies moet in alle gevallen worden voorkomen. Het MMT kan over de weg worden vervoerd of door de lucht. In het laatste geval wordt gesproken van een helikopter trauma team (HTT).
Snelle inzetbaarheid
Snelle inzet kan alleen gerealiseerd worden als zowel het team als het vervoermiddel op eenzelfde locatie paraat is en direct na oproep kan uitrukken. Het personeel kan daarom tijdens de MMT/HTT-dienst geen andere werkzaamheden verrichten, afgezien van die werkzaamheden die zij direct kunnen beëindigen. Voor de artsen en verpleegkundigen betekent dit dat zij geen patiëntenzorgtaken kunnen vervullen. De meeste mensen, waar voor een MMT is ingezet, zijn jonge ongevalslachtoffers tussen de 25 en 35 jaar. Bij deze groep zijn naast de gezondheidswinst (kwaliteit van leven) ook in de sfeer van sociale zekerheid (arbeidsongeschiktheid, ziekteverzuim etc.) gunstige effecten, ten gevolge van de inzet van een MMT, gemeten.
In de eerste 5 jaar zijn door de hulpverlening van het HTT zeker tussen de 35 en 55 mensenlevens gered.
Landelijk dekkend netwerk MMT’s
Minister Borst, ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft in 1999 - mede naar aanleiding van de onderzoeksresultaten van eerder genoemde proef, besloten om tien traumacentra aan te wijzen om, ondermeer, een landelijk dekkend netwerk van MMT's te realiseren.
Doel is om deze MMT's 24 uur per dag inzetbaar te maken. De realisatie van dit netwerk zal een aanzienlijke verbetering van de traumahulpverlening in Nederland betekenen. Vier van de tien traumacentra zijn aangewezen om inzet van een MMT per helikopter (HTT) te realiseren.
Naast het VU medisch centrum zijn dit het Academisch Ziekenhuis Rotterdam (AZR), het Academisch Ziekenhuis Groningen (AZG) en het Universitair Medisch Centrum St. Radboud te Nijmegen. Ook het AZR zet overdag al geruime tijd een HTT in. De centra in Nijmegen en Groningen zullen in de loop van 2001 overdag een HTT inzetten. Met behulp van de Duitse en Belgische helikoptervoorzieningen kan een landelijke dekking van luchtmobiele medische teams in Nederland bereikt worden.
Bron VU Amsterdam


.



